Zijne Excellentie de heer F.B.J. Grapperhaus
p/a Ministerie van Veiligheid en Justitie
Postbus 20301
2500 EH Den Haag

 

18 oktober 2021

Hooggeachte heer Grapperhaus,

Zoals u weet hebben 80 gewetensbezwaarde politieagenten bij de Buitenparlementaire Onderzoekscommissie (BPOC2020) een verklaring afgelegd omtrent het toepassen van buitenproportioneel geweld tegen coronademonstranten.

Hierover zijn door de heer Gideon van Meijeren en door de heer Wybren van Haga aan u Kamervragen gesteld. U gaf de heer van Meijeren als antwoord dat er geen buitenparlementaire onderzoekscommissie nodig was, omdat er geen buitenproportioneel geweld plaats zou vinden en het Nederlandse politiekorps haar werk uitstekend deed.

Aan de heer van Haga antwoordde u dat u op de hoogte was van de verklaringen, maar dat u de validiteit van deze verklaringen niet kon controleren.

Bij deze verzoeken wij u de commissie te ontvangen op uw ministerie en een beëdigde notarisverklaring waarin bevestigd wordt dat de verklaringen op werkelijke getuigenissen berusten van agenten uit uw politiekorps in ontvangst te nemen. Om begrijpelijke redenen willen de betreffende agenten niet dat hun identiteit bij u bekend wordt.

Een eerder gedane toezegging door de politie-ombudsfunctionaris mevrouw Letty Demmers ons te ontvangen en het rapport met de getuigenissen van de agenten en de verklaring van de notaris in ontvangst te nemen, is door mevrouw Demmers niet nagekomen ondanks haar toezeggingen en aandringen van onze kant.

Een e-mailbericht aan mevrouw Demmers verzonden 1 augustus 2021 waarin wij nogmaals aandringen om haar belofte na te komen sluit ik bij dit schrijven in. Mevrouw Demmers heeft niet gereageerd op dit bericht.

Om redenen die u op onze website terug kunt vinden en waarvan ik een kopie bij dit schrijven bij zal sluiten, zijn de agenten tot nu toe niet naar buiten getreden.

Er is na ons eerste contact met mevrouw Demmers telefonisch contact met ons opgenomen door dhr. Frank Brouwers, Hoofd Bureau Ombudsfunctionaris Politie. Ons verzoek om ons te ontvangen om het rapport en de beëdigde notarisverklaring in ontvangst te nemen, werd door hem afgewezen. We hebben ons ongenoegen hierover bij mevrouw Demmers geuit, waarna zij ons heeft toegezegd dat haar assistente ons zou bellen om een afspraak te maken om de commissie te ontvangen. Zoals gezegd hebben wij hierna niets meer van mevrouw Demmers vernomen, ook niet na ons laatste e-mailbericht van 1 augustus. U kunt een en ander controleren bij mevrouw Demmers en de heer Brouwers.

Wij verzoeken u hierbij vriendelijk doch dringend binnen 5 werkdagen een bevestiging aan ons te doen toekomen waarin u ons uitnodigt het rapport en de beëdigde notarisverklaring aan u te komen overhandigen op uw ministerie.

Tevens verzoeken wij u openbaar te maken dat u de beëdigde notarisverklaring heeft ingezien waarin bevestigd wordt dat de verklaringen van agenten uit uw politiekorps zijn.

Wij zijn ervan overtuigd dat u als goed werkgever een extern onderzoek zal laten doen naar de misstanden die door de agenten in hun verklaringen worden genoemd.

Wij zien uw spoedige reactie met belangstelling tegemoet.

Met de meeste hoogachting,

Pieter Kuit & Jade Kuit
Stichting Buitenparlementaire Onderzoekscommissie (BPOC2020)

 

 

*Verzonden met barcode: 3SRPKS414120835

 

 

Verklaring aangaande het naar buiten treden van de politie-agenten.

16 oktober 2021.

Eind 2020 hebben wij een oproep gedaan aan gewetensbezwaarde politieagenten een verklaring bij ons af te leggen.

Dit naar aanleiding van het steeds toenemende politiegeweld tegen coronademonstranten.

De bedoeling was om alle agenten die zich bij ons zouden melden een openbare hoorzitting over hun gewetensbezwaren te laten afleggen.

Binnen korte tijd hebben zich 80 agenten bij de commissie gemeld om te verklaren aangaande hun gewetensbezwaren met betrekking tot het politiegeweld tegen demonstranten.

Op het moment dat de commissie bekend maakte met de agenten naar buiten te zullen treden zijn er ernstige bedreigingen tegen het leven geuit, zowel tegen commissieleden als tegen de agenten.

Omdat de commissie niet in kon staan voor de veiligheid van de agenten en hun gezinnen heeft de commissie toen besloten de verklaringen op te nemen en de beelden in bewaring te geven bij een notaris. De beëdigde notarisverklaring was nodig om later aan te kunnen bieden aan de minister van Justitie en Veiligheid, de heer Grapperhaus.

De schriftelijke verslagen van de verklaringen zijn zonder naamsvermelding op de website van de commissie geplaatst.

De voorwaarde waarop de notaris de beelden van de verklaringen van de agenten in bewaring wilde nemen, was een volledige anonimiteit van deze notaris, behalve naar de minister van Justitie en Veiligheid, de heer Grapperhaus, op het moment dat die zich bereid zou tonen de notarisverklaring in ontvangst te nemen. De notaris verlangde anonimiteit in verband met zijn persoonlijke veiligheid.

Omdat de echtheid van de verklaringen van de agenten steeds meer in twijfel werden getrokken hebben de agenten aan de commissie verzocht toch naar buiten te mogen treden. Op dat moment is de commissie op zoek gegaan naar een geschikte locatie voor 80 agenten en hun eventuele partners. Ook moest er in de omgeving voldoende parkeergelegenheid zijn.

Het bleek bijna onmogelijk een locatie te vinden die ons wilde huisvesten. Dit in verband met de aard van het evenement. Veel locatie-eigenaren waren bang voor hun veiligheid. Locaties die ons spontaan werden aangeboden waren niet groot genoeg om 80 agenten te huisvesten.

De commissie kreeg op zeker moment de aanbieding van een alternatief kanaal om een grote ruimte voor de naar buiten treding van de agenten te regelen en tevens de techniek te verzorgen. Omdat dit alternatieve kanaal dit onder haar eigen naam wilde doen zijn wij daar niet op ingegaan.

De Commissie hecht aan haar onafhankelijkheid. De naar buiten treding van de agenten is niets anders dan een hoorzitting met 80 mensen die wij onder de naam van de BPOC2020 wilden doen, zoals bij alle reguliere hoorzittingen. Ook de agenten waren er niet mee akkoord om onder de naam van een alternatief kanaal naar buiten te treden.

Er was de commissie veel aan gelegen om, zoals toegezegd, in de maand augustus met de agenten naar buiten te treden. Een ander alternatief kanaal bood aan om haar studio te gebruiken voor het evenement. De naar buiten treding zou dan op 30 augustus plaats kunnen vinden. De commissie heeft dit aanbod aangenomen.

Op donderdag 26 augustus maakte de eigenaar van dit alternatieve kanaal aan ons bekend dat het evenement onder de naam van dit kanaal plaats zou moeten vinden en dat de eigenaar van dit kanaal het evenement wilde presenteren. De verbazing van de commissie was groot, vooral omdat de commissie aan deze eigenaar had laten weten dat de vorige naar buiten treding om die reden niet door was gegaan.

We hebben wederom uitgelegd dat het hier wat ons betreft om een gewone hoorzitting ging die onder de naam van de commissie plaats zou moeten vinden. Ook de agenten maakten wederom grote bezwaren om onder de naam van een alternatief kanaal naar buiten te treden.

De eigenaar het van het kanaal bood ons vervolgens de studio aan tegen betaling van € 10.000.-. De commissie kon dan onder haar eigen naam de naar buiten treding plaats laten vinden. De commissie vond dit onaanvaardbaar, ook gezien het feit dat de commissie het niet verantwoord vond het donatiegeld van trouwe donateurs hieraan te besteden.

Wij voelden ons, 4 dagen voor de datum waarop het evenement plaats zou vinden, door de eigenaar van dit kanaal in een onmogelijke positie geplaatst.

De commissie zal de naam van dit alternatieve kanaal, om de verhoudingen niet (verder) te verstoren, hier nu niet bekend maken.

Om bovenstaande redenen, de onafhankelijkheid van de commissie en de bezwaren van de agenten, had de commissie geen andere keuze dan de naar buiten treding opnieuw af te gelasten.

Wij hebben hierna verschillende locaties aangeboden gekregen die niet voldeden om 80 mensen, hun eventuele partners, technici etc. te huisvesten.

Intussen rijst er begrijpelijkerwijs bij veel mensen de vraag wanneer de naar buiten treding plaats gaat vinden. Ook wordt er getwijfeld aan de echtheid van de verklaringen en wordt er gevraagd naar de naam van de notaris. Zoals eerder medegedeeld, wil de notaris alleen bekend worden bij de minister van Veiligheid en Justitie wanneer de minister bereid is de beëdigde notarisverklaring in ontvangst te nemen. Wij zijn schriftelijk met de notaris overeengekomen dat, behalve aan de minister van Veiligheid en Justitie, zijn naam aan niemand anders bekend zou worden gemaakt.

Op dit moment is het klimaat in Nederland zover gepolariseerd dat de commissie en de agenten het niet langer mogelijk achten om veilig naar buiten te treden.

Bovendien is er grote onrust onder de verklarende agenten ontstaan na berichten in de media dat een agent is ontslagen toen zij ongepaste sms-berichten die zij van een meerdere ontving naar buiten heeft gebracht. De rechter heeft haar ontslag goedgekeurd met een beroep op de geheimhoudingsplicht die agenten hebben. (Bron)

De agenten die tot nu toe dachten dat zij beschermd zouden zijn tegen ontslag door de massaliteit van hun verklaringen zijn hierdoor in grote tweestrijd gekomen of zij nog naar buiten willen treden met het risico op massaal ontslag.

De commissie is door bovenstaande gebeurtenissen in een onmogelijke positie geplaatst. Wij hebben ons altijd op het standpunt gesteld dat de agenten de baas zijn over hun verklaring. Dit hebben wij hen toegezegd en daar zullen wij ons als commissie aan houden.

Aan de andere kant vinden wij het belangrijk de mensen die al zo lang wachten op de naar buiten treding van de agenten en ons al maandenlang hun vertrouwen hebben geschonken in deze verklaring uitleg te geven en aan te tonen dat er achter de verklaringen echte agenten schuilgaan.

 Naar aanleiding van bovenstaande heeft de commissie het volgende besloten:

Op maandag 18 oktober zal er een aangetekende brief worden verstuurd aan de minister van Justitie en Veiligheid, de heer Grapperhaus. In deze brief verzoeken wij de heer Grapperhaus de commissie te ontvangen en de beëdigde notarisverklaring waarin vermeld staat dat de verklaringen van de agenten op echtheid berusten in ontvangst te nemen.

De brief en een bewijs van verzending zullen op de website van de commissie geplaatst worden. Ook de reactie van minister Grapperhaus zullen wij openbaar maken.

Wij vragen de minister binnen 5 werkdagen na ontvangst van de brief te reageren.

Wij hopen en verwachten dat de minister positief op ons verzoek zal reageren en aan zal geven dat hij de notarisverklaring wil inzien. Ook vragen wij de minister, nadat hij de commissie ontvangen heeft, openbaar te maken dat hij de verklaring heeft ingezien.

Hiermee zou de onzekerheid over de echtheid van de verklaringen weggenomen kunnen worden zonder dat de agenten hun identiteit hebben moeten prijsgeven.

Wanneer de minister niet op tijd of negatief reageert zal de commissie in overleg gaan over de daarna te nemen stappen om de minister te bewegen de notarisverklaring alsnog in ontvangst te nemen.

 De commissie,

 Pieter Kuit & Jade Kuit.