Vandaag, 16 november 2021, heeft de commissie onderstaande schriftelijke reactie ontvangen namens de Minister van Veiligheid en Justitie, dhr. F. Grapperhaus, op haar brief van 18 oktober jl. In deze brief maakten wij de minister wederom attent op het bestaan van de politieverklaringen en boden wij hem de verklaring van onze notaris aan, waarin bevestigd wordt dat alle tachtig verklaringen daadwerkelijk door agenten in actieve dienst zijn afgelegd.

De commissie betreurt het feit dat de minister zelf zich niet met de zaak bezig wenst te houden, en ons doorverwijst naar de korpschef en de ombudsfunctionaris politie. Zoals u zich wellicht kunt herinneren heeft de commissie, zoals ook aangegeven in onze brief, deze ombudsfunctionaris al eerder benaderd, zonder resultaat. Ook vinden wij het opvallend dat er niet gesproken wordt over de notarisverklaring die wij de minister inmiddels meermaals hebben aangeboden. Het lijkt alsof het ministerie het bestaan van deze verklaring niet wenst te erkennen. Het gevoel dat wij “van het kastje naar de muur” gestuurd worden is bij ons inmiddels zeer sterk, gezien het feit dat wij al maanden proberen de aandacht van de minister voor dit dossier te vragen.

Het is wat de commissie betreft volledig duidelijk dat er geen urgentie wordt gegeven aan wat onzes inziens een zeer ernstig en structureel probleem is binnen het politiekorps. Dit getuigt niet alleen van weinig respect voor bezorgde Nederlandse burgers, maar ook van een grote onverschilligheid jegens tachtig agenten die hun baan en hun reputatie op het spel zetten om deze misstanden aan de kaak te stellen. Wat ons betreft is het onacceptabel dat de minister de commissie en de agenten wederom probeert af te schepen met een doorverwijzing naar andere personen. De minister is verantwoordelijk voor het functioneren van het politiekorps, en het feit dat hij deze verantwoordelijkheid weigert te nemen is wat ons betreft een blamage. Ook vinden wij het van een zekere arrogantie getuigen dat de minister niet zelf reageert, maar iemand anders namens hem laat schrijven. Dit lijkt een patroon te zijn bij de Nederlandse regering; de reactie die wij ontvingen op onze brief aan Minister-president Rutte getuigde van dezelfde onverschilligheid. Dit is niet alleen een duidelijk signaal richting de commissie en de verklarende agenten,  maar naar de Nederlandse bevolking in het algemeen: aandacht vragen voor misstanden in de maatschappij en binnen de overheid zelf is lastig en ongewenst. Dit is natuurlijk een onwenselijke en totaal onacceptabele situatie.

Eenieder die twijfelt aan de validiteit van de verklaringen, of simpelweg geïnteresseerd is, kan de reactie van de minister hieronder bekijken ter bevestiging van het feit dat de commissie daadwerkelijk met het ministerie in contact staat. Wij wachten de (eventuele) reactie van de korpschef af, maar hebben van dit contact weinig verwachtingen.

De verklarende politieagenten zullen op zaterdag 27 november aanstaande volgens de planning naar buiten treden. Dit zal elke mogelijke twijfel omtrent de echtheid van de verklaringen opheffen, en de minister hopelijk bewegen zich persoonlijk met de zaak te gaan bezighouden.

Op 29 november zal er vervolgens een schriftelijke en audio-visuele persverklaring gegeven worden, waarin we terugkijken op alle ontwikkelingen rondom het politie-dossier. Bij voldoende belangstelling zal de pers aanwezig mogen zijn bij deze verklaring. Wilt u aanwezig zijn stuur dan vóór 25 november uw reactie naar pers@bpoc2020.nl. Vermeld namens welk medium u aanwezig wilt zijn.